Over de posities in de ruimte

Auteur: Roman Ehrlich

 

Vertaald door Lucas Hüsgen

 

In mijn herinnering een Trabant die in de verte rondcirkelt:

Nog voordat de feiten voldongen raakten en die dingen tussen ons gebeurden die uiteindelijk een volstrekt overhoopgehaald landschap achterlieten waarin zowel de veestapel als de gebruikelijke vegetatie grotesk verminkt en verwrongen in de bodem waren weggezakt of aan de wetten der zwaartekracht waren onttrokken, voordat dus deze dingen gebeurden die zich met geen pen laten beschrijven, vertelde ze mij, als betrof het een lang vervlogen gebeurtenis uit haar jeugd, over een reis naar het eiland Elba in de Middellandse Zee, die ze had ondernomen met haar twee kinderen en hem – degene die zich, zoals zij dat uitdrukte, in deze korte tijd zo volstrekt gediskwalificeerd had dat ze, hoewel ze als jong koppeltje op pad waren gegaan, als vluchtige kennissen in de stad waren teruggekeerd.

Ze hadden ginds lang in de verzengende zon rondgelopen en hadden onverschillig het werk van straatkunstenaars op de strandpromenade bekeken en dat allemaal in het voorbijgaan, omdat zelfs de kinderen te suf waren geweest om enthousiasme te kunnen opbrengen voor de groteske striptekeningen, silhouetten of parelkettingen die voor hun ogen vervaardigd werden als een opmerkelijke vorm van verzet tegen de verveling en vadsigheid die over alles uitgestrekt lagen. Ze had toen zelf nog niet zo goed geweten hoe je met kinderen omgaat en het moet wel aan haar hebben gelegen, vertelde ze mij, dat ze haar kroost een halve dag lang met ontbloot bovenlijf hadden laten rondlopen en dat die twee dan ’s avonds zo’n erge zonnebrand hadden gehad, dat ze die in de pensionkamer enkel nog op de uitgeschoven bedbank hadden kunnen leggen om hun roodverbrande ruggen geregeld met vochtige handdoeken te verkoelen. Ze had die avond met Peter, zoals het vriendje schijnbaar heette, een fles wijn gedeeld op het balkon in de afkoelende lucht en vanuit de pensionkamer hadden telkens weer de kreten van de kinderen geklonken.

‘Peter,’ vertelde ze mij, schreeuwden de kinderen, ‘Peter, omdraaien!’ en Peter had tegen haar gezegd:

‘Ze zien me nu al enkel als dienstverlener.’

En zij had moeten antwoorden dat dat flauwekul was, ‘het zijn kinderen’, heb ik gezegd, vertelde ze mij, ‘die weten helemaal niet wat dienstverlening is’. Dan had hij de handdoeken omgekeerd, totdat de kinderen uiteindelijk in slaap waren gevallen en haar geholpen om beide al bijna koortsig verhitte, zwaar ademende lichamen de kamer ernaast in te dragen en te leggen op de hoogslaper die daar opgetrokken stond. Later die nacht is dan een van de kinderen ook inderdaad uit deze hoogslaper naar beneden gevallen, al was dat thuis nog nooit gebeurd, misschien door boze dromen in het door het vele zonlicht helemaal beurs geworden kinderhoofd en ze was samen met Peter, naakt, zoals ze in slaap gevallen waren, de kinderkamer ingestormd waar het naar beneden gevallen kind vreselijk had liggen schreeuwen en toen was het gebeurd, toen had de diskwalificatie van Peter plaatsgevonden, zonder dat hij er veel voor had hoeven doen en in feite zonder er maar een woord voor te hoeven zeggen.

 

Het vervolg van deze tekst lees je in de papieren versie van DW B 2017 3.