‘Almaar bleker worden’: Peter Verhelst, Zing zing

Verschenen in: Eigentijd
Auteur: Kim Gorus
Peter Verhelst, Zing zing, Prometheus, Amsterdam, 2015.

 

 

In zijn nieuwste dichtbundel Zing zing gebruikt Peter Verhelst de beproefde formule van het liefdesgedicht als metafoor voor een andersoortige, talige samensmelting. Die versmelting en de daaropvolgende scheiding voltrekken zich in een circulaire beweging die zes dichtcycli doorloopt, gevolgd door een slotakkoord.

Twee figuren dwalen door een theatraal, vulkanisch berglandschap, waarbinnen de seizoenen elkaar afwisselen volgens een grillig patroon. Het zonlicht deemstert stilaan weg tot een totale zonsverduistering. De figuren verhouden zich nu eens als (romantische) geliefden tot elkaar, dan weer als moeder en zoon in een religieus getinte piëta en vormen aanvankelijk een onlosmakelijk kluwen:

 

Zelfs in het water

smelten we op het zand, twee glazen lichamen

met armen die in elkaar vloeien.

 

We rollen op tot een compacte bol.

Voor het eerst kunnen we ons voorstellen uit te groeien

tot iets wezenlijks.

 

Het vervolg van deze tekst lees je in de bovenstaande pdf.