Iets duwt iets anders opzij en het is er. Op de rok van het universum van Tonnus Oosterhoff

Verschenen in: Graphic poem
Tonnus Oosterhoff, Op de rok van het universum, De Bezige Bij, Amsterdam, 2015.

 

Gepubliceerd eind 2015 is Op de rok van het universum van Tonnus Oosterhoff een van de beste Nederlandstalige romans van deze eeuw: een boek waarvan vorm en inhoud bijna niet te definiëren zijn en toch samenvallen en waarin utopische blijmoedigheid met zwart pessimisme wordt gecombineerd.

*

 

In 1960 gaf Ingeborg Bachmann de allereerste Frankfurter colleges. Ze citeerde een onwaarschijnlijke definitie van literatuur, als door Hegel bedacht: ‘Literatuur is het geheel der schriftelijke voortbrengselen van de geest.’ Die geest beschouwde Bachmann als een groter wordend brein van de hoge cultuur – een brein dat schrijft, denkt en spreekt op voorbeeldige wijze en dat beschermd moet worden tegen onzin en lelijkheid. Over actualiteiten zegt ze het volgende:

 

Over de actualiteiten heb ik alleen te zeggen dat men ze weg moet schrijven, men moet de actualiteiten van zijn tijd corrumperen, men mag zich niet door de frasen waarmee die actualiteiten iemand worden opgedrongen, laten corrumperen. Een schrijver moet de frasen vernietigen, en als er ook in onze tijd boeken zijn die standhouden, dan zullen het boeken zonder frasen zijn.

 

Tonnus Oosterhoff schrijft geen boeken zonder frasen of zonder holle gezegden. Literatuur is voor hem het geheel der schriftelijke voortbrengselen van de geest, op voorwaarde dat het woord geest zo ruim mogelijk wordt geïnterpreteerd: literatuur is het geheel der Nederlandstalige voortbrengselen van de wereld.


Het vervolg van deze tekst lees je in de bovenstaande pdf.