DW B 2012 1: Groter en wreder dan ik

Voorwoord
Groter en wreder dan ik

Groter en wreder dan ik. Zo beschrijft Nabokovs ik-personage uit de roman Let op de Harlekijn ‘die andere man, die andere schrijver’ die hem steeds opnieuw dwingt tot imitatie en wiens superioriteit hij telkens opnieuw moet erkennen. Kent u dat ook, wilde Libris Literatuurprijswinnaar Yves Petry weten, dat gevoel slechts een imitator te zijn? Hij stelde de vraag aan 15 collega-schrijvers. Of ze een literaire reus vrezen die een schaduw werpt op hun zinnen en hun werk verdort tot kleurloos prutswerk? En hoe ze die demon dan bezweren? Anneke Brassinga, Stefan Hertmans, Astrid Lampe, Benno Barnard, Koen Peeters, Paul Bogaert, Han van der Vegt, Erik Lindner, Jeroen Theunissen, Annelies Verbeke, Atte Jongstra, Christophe Vekeman, Maria Barnas, Ger Groot en P.F. Thomése onthullen hoe ze omgaan met hun demonen en tegenstrevers.

       In Analoge ruimtes speuren Bart Verschaffel, Daniël Rovers en Maria Olchowska Malgorzata naar gelijkenissen tussen gezichten en gevels. Paul Claes biedt een sleutel voor het ‘Fragment’ van Ida Gerhardt. In Boeken staan de stevige leesrapporten van Sven Vitse, Hugo Bousset, Lars Bernaerts en Laurens Ham, over respectievelijk Arnon Grunberg, Willem Melchior, Ivo Michiels en Sigrid Bousset en Erik Spinoy. En de Jonge wolven voeren een heftige discussie over Michel Houellebecq. Voorts bespreekt Sven Vitse recente tijdschriften en heeft Hans Cottyn het over de zelfstandige boekhandels.

       De beelden in het nummer komen uit het boek Spectres van Sven Augustijnen.

 

In deze editie