In de mime van steeds minder plaats. Over de Slalom soft van Paul Bogaert

Verschenen in: Mijn Amerika
Auteur: Jeroen Dera
Paul Bogaert, de Slalom soft, Meulenhoff | Manteau, Antwerpen/Amsterdam, 2009.
Download deze tekst in pdf:


Toen Paul Bogaert met zijn bundel AUB (2006) genomineerd werd voor de Vlaamse Cultuurprijzen 2007, typeerde de jury de dichter als iemand die zijn lezers de eigen boutades in het gezicht duwt. In spitsvondigheid is Bogaert kennelijk moeilijk te overtreffen. Wie zijn oeuvre bekijkt, constateert inderdaad de ongelooflijke creativiteit van zijn hand. Die blijkt al uit de wijze waarop hij met zijn poëzie in de openbaarheid treedt. Als Paul Bogaert voordraagt, doet hij dat niet in de traditionele zin van het voorgelezen woord. Je beluistert de woorden van de dichter daarentegen met een hand-out in de hand of je ziet zijn lyriek geprojecteerd in de vorm van een PowerPointpresentatie. Een dergelijke intermedialiteit streeft hij niet alleen na in zijn optredens, maar ook in de sectie ‘Websitegedichten’ op www.paulbogaert.be. Daar vind je verschillende voorbeelden van verfilmde gedichten, waarin tekst en beeld elkaar op intrigerende wijze aanvullen.
       Het gemak waarmee Bogaert schijnbare grenzen laat vervagen, demonstreerde hij ook in zijn essay Verwondingen, dat gepubliceerd werd ter gelegenheid van Gedichtendag 2008. Die tekst vertrekt vanuit een analyse van Dirk van Bastelaeres ‘Het Batmangevoel’, ‘iets essayachtigs van acht pagina’s’ dat de jonge Bogaert eind jaren 1980 geheel van zijn stuk bracht. Hoe het kwam dat de destijds nog studerende dichter zo door ‘Het Batmangevoel’ uit het veld geslagen werd, vormt de inzet van zijn beschouwing over Van Bastelaeres tekst. Bogaert constateert dat enkele vormbeginselen van het door hem bewonderde essay de sublieme leeservaring tot stand brachten: ‘contrast, identificatie, ambivalentie, toeval (lot, schikgodinnen), verbeelding en taal, macht en onmacht, spanning’. Die kernbegrippen zet de dichter vervolgens in bij een duiding van een meer recente ervaring die hem overdonderde. Het betreft ditmaal geen literaire tekst, maar het winnende nummer van het Eurovisie Songfestival 2007: ‘Molitva’ van de Servische Marija Šerifović. Zonder enige moeite maakt Bogaert aannemelijk dat de beginselen die zijn fascinatie voor ‘Het Batmangevoel’ konden verklaren, ook opgaan voor de Eurovisieact van Servië. De grens tussen hoge en lage cultuur wuift de dichter daarmee schamper weg.
       Kritiekloos ten opzichte van het Songfestival is Bogaert in Verwondingen
echter niet. Een van de redenen waarom juist ‘Molitva’ hem fascineerde, is dat het optreden zich onttrok aan de regels die tegenwoordig kennelijk voor dit festival gelden: ‘Wie het festival van 2007 heeft uitgezeten, weet dat de trends van 2007 waren: méér beweging, kortere rokken, exuberantere outfits en meer ontblote lichaamsdelen dan ooit.’ En even later: ‘De andere trend van 2007 was niet alleen opgefokt volk op het podium, maar véél opgefokt volk op het podium, aangevuld met acrobatieën, vuurwerk, glitter en een slaapverwekkende stroom spektakelachtige verrassingen.’ Bogaerts minachting spat van deze zinnen af: evaluatieve bewoordingen als ‘uitgezeten’, ‘slaapverwekkende’ en ‘spektakelachtige’ spreken wat dat betreft boekdelen. In Verwondingen krijg je dan ook niet alleen te maken met een Paul Bogaert die grenzen laat vervagen en tentoonspreidt hoe spitsvondig hij kan analyseren, maar ook met een genadeloze criticaster die de cultuur van de massa fileert.


Lees meer in Mijn Amerika.
Vanaf september 2010 vindt u hier de integrale tekst.