DW B 2008 1: Diclit. Van Nero tot Mao

Voorwoord
Diclit. Van Nero tot Mao

DW B doet het in Diclit met dictators, fascisten en tirannen die artistieke ambities koesterden. Zo betekende de terechtstelling van Saddam Hoessein niet alleen de dood van een dictator, maar ook het einde van een amateurliterator. Hoessein is vermoedelijk de enige dictator geweest die een boek heeft verboden dat hij zelf heeft geschreven: het bevatte antireligieuze ideeën die niet meer pasten in zijn politiek. Kijken we verder naar de categorie plegers van misdaden tegen de menselijkheid, dan is Radovan Karadžić een niet minder interessante casus. Niet alleen wordt zijn poëzie gepubliceerd en bovendien vertaald, hij plaatst zichzelf nadrukkelijk in de traditie van de Servisch-nationalistische dichter-soldaat. Halen literatuurbeschouwers hun neus op voor Karadžić’ gedichten of zijn zij bereid hun expertise in te zetten bij een lectuur van deze poëzie? Het eerste lijkt het meest voor de hand te liggen, maar in dit themanummer kiezen we voor het tweede. Laten we de handschoen opnemen en onze literatuuropvatting op de proef stellen. Steeds worden de dictators onderuitgehaald door de meestal infantiele pretentie en schamele kwaliteit van hun literaire producten. Hoewel de hoogst boeiende vraag niet wordt ontweken waarom ze dan een literaire code gebruikten, en niet doodgewoon pamfletten schreven.

 

In deze editie